Cursus Friesche Paarden 4
Afwijkende voorbeenstanden:
Van voor gezien:
Bodemwijd:
- de afstand tussen de hoeven is meer dan een hoefbreedte
- dit komt meestal voor bij paarden met een brede borst
- meestal zijn de ellebogen naar buiten gedraaid
- de benen lopen van daar weer evenwijdig en verticaal
- de stand geeft neiging tot waggelen
Bodemnauw:
- de afstand tussen de hoeven is kleiner dan een hoefbreedte
- dit kan aanleiding geven tot strijken
O-benig:
- de benen lopen niet evenwijdig
- de afstand tussen de knieen is te groot
- dit heet toontredend
X-benig:
- de afstand tussen de knieen is te klein
- dit heet Franse stand
Van opzij gezien:
Onderstandig:
- de voorbenen staan schuin naar achteren of achter de loodlijn
- gaat vaak gepaard met een steile schouder
Gestrekt:
- de benen staan voor de loodlijn
- dit geeft vaak een minder vlotte gang
Hol:
- terugstaand in de voorknie
Bokbenig:
- hangen in de voorknie
- komt voor bij veulens en wat oudere versleten paarden
Steil gekoot:
Week gekoot:
Afwijkende achterbeenstanden:
Van opzij bekeken:
Onderstandig:
- achterbenen staan te ver onder het lijf
Sabelbenig:
- hoek in het sprongewricht is te klein
- gaat vaak samen met onderstandig en koehakkig
Van achter bekeken:
Bodemwijd en bodemnauw:
- zelfde stand als bij de voorbenen
- bodemwijde stand wijst op zwakte
Wijd in de hakken:
- O-benig genoemd
- vaak toontredend
- zeer ongunstige stand
Koehakkig:
- gaat samen met Franse stand
- punt van de hak staat naar binnen gekeerd
vervolg zie blad 5